Het vorige bericht was gepost in de wintervakantie. Het is nu inmiddels pasen geweest. Vorige week hadden de kinderen paasvakantie. Ze hebben sinds de kerstvakantie twee keer een week vakantie gehad, en nu moeten ze een lange ruk maken naar de zomervakantie toe. Uiteraard onderbroken door Hemelvaart, Pinksteren en de Onafhankelijkheidsdag, gevierd op 17 mei.
We hebben weer een gapahuk ontdekt, en daarbij was ook een grot maar sporen gevonden zijn van menselijke aanwezigheid die teruggaan tot de ijzertijd.
Op 8 maart was het internationale vrouwendag. In Noorwegen stond die dag in het teken van het stemrecht voor vrouwen, dat honderd jaar geleden werd ingevoerd. Als een van de eerste landen ter wereld kregen de vrouwen in Noorwegen in 1913 volledig stemrecht. In Nederland was dat enkele jaren later, in 1917. In ons dorp werd dat gevierd in het Kulturhus, met zang en dans en toespraken van plaatselijke vrouwelijke coryfeeën.
We zijn tussendoor twee keer naar Trondheim geweest. Folmer moest naar een orendokter, gelukkig was er niets aan de hand. Onderweg prachtige plaatjes.
In de paasvakantie hadden we opnieuw een logé, Rein kwam weer. Hij kwam nu voor een week. Hij viel met zijn neus in de boter, of in dit geval de sneeuw.
We hebben die week vaak op de ski gestaan. De paasvakantie is voor de Noren de skivakantie. Het ware skigevoel van de Noor is samen te vatten in een felblauwe lucht, witte sneeuw, een kvikklunsj (de Noorse Kitkat) en een sinaasappel. Dit samen is voldoende om de gemiddelde Noor een extatische blik in de ogen te bezorgen. En natuurlijk de hut, want met pasen ga je daar naar toe.
Wij staan er ondertussen versteld van hoe snel de kinderen zichzelf ski-vaardigheden bijbrengen. Vooral Lieuwe staat erop alsof hij nooit anders gedaan heeft. Stond hij in de wintervakantie voor het eerst op de ski's, twee weken terug sprong hij het verste van zijn klas op een gefabriceerd schansje. Wij voorzien een gouden toekomst voor hem als toekomstig Nederlands kampioen schansspringen. Ahum. Waar dus geen concurrentie zal zijn.
bovenaan de schans
en de sprong
Het verschil tussen de kinderen en Folmer en mij, is dat zij niet bang zijn om te vallen, En wij wel. Maar het gaat steeds beter. Er zijn hier in de nabije omgeving drie verlichte løypes, die onderling verbonden zijn. Al met al is dat een netwerk van een kilometer of 50. Voorlopig kunnen we dus nog wel even vooruit, hier.
In de week van de paasvakantie hebben de kinderen met hun oude school geskyped. Het was erg leuk om de oude klassen te zien en om zo even contact te hebben.
Het grappige was, dat we merkten dat de meeste kinderen zich nauwelijks een voorstelling kunnen maken van hoe het leven er hier voor de kinderen uit ziet. Terwijl het voor ons al steeds gewoner aan het worden is, en in sommige opzichten erg lijkt het erg op het leven dat we leidden in Haren. De kinderen zitten in een klas met hele gewone kinderen, op een gewone school, met hele normale leerkrachten. Folmer heeft een hele gewone baan, en we wonen in een heel normaal (wel heel fijn, dat denk ik nog steeds elke dag) huis, en dat staat in een doorsnee dorp, waar hele normale supermarkten staan. Het is wel allemaal net even anders dan dat het was in Nederland. Maar zo'n stoere emigratie lijkt toch in heel veel opzichten op een gewone verhuizing.
Toch is er één groot verschil.
In een ander land sta je ineens voor je gevoel met lege handen, waar het je eigen geschiedenis betreft. Je kunt het zo gek niet bedenken of de oude kennis is niet meer, of amper meer, relevant. Het lijkt alsof de harde schijf van je computer gecrashed is, je moet vanaf de basis opnieuw kennis op gaan bouwen en zoeken wat je nog kunt gebruiken. Meestal vormt dat een uitdaging, soms is dat vermoeiend, en vooral in het begin kon dat bij vlagen overweldigend zijn. Op velerlei gebied moet je opnieuw beginnen. Uiteraard wat betreft de regels, instanties en de organisatie binnen de samenleving, van gemeente tot en met parlement (Stortinget heet dat hier) Maar dat niet alleen. Ook de topografie van het land maar vooral ook van onze directe wooromgeving zijn nieuw. Terwijl we Noord Nederland kenden als onze broekzak.
Hier kennen de kinderen andere verhalen en kinderboekenschrijvers/schrijfsters (al is Astrid Lindgren hier natuurlijk ook populair).
We hebben de Lystenning voor kerst gemist, een gebeurtenis waarbij de kaarsen in de dorpsboom voor het eerst aan gingen en in de gymzaal van de school achteraf muziek en lekkernijen waren. Voor de mensen hier was dat feest zodanig vanzelfsprekend, dat men was vergeten ons in te lichten. En ik heb in de bouwmarkt gestaan, mezelf realiserend dat de merken en soorten verf die daar stonden, mij volkomen nieuw onbekend waren, terwijl ik in Nederland precies wist welke verf van welk merk van goede en welke van slechte kwaliteit was. In een ander land gaan wonen betekent jezelf regelmatig onthand voelen.
Na 9 maanden hier te zijn, is er zo langzamerhand alweer een gevoel van basis gegroeid, bij ons allemaal. Terwijl ik dit zit te schrijven, is Lieuwe voor het eerst aan het spelen bij een Noorse klasgenoot. (Hij is al wel diverse keren bij een Nederlandse klasgenoot geweest, die hier in de kerstvakantie is komen wonen.) Een hele stap voor hem.
Overige mijlpalen op het gebied van integratie in Noorwegen (en afscheid van Nederland):
- het kenteken van onze Nederlandse auto is verwijderd uit het Nederlandse registratiesysteem, ook de verzekering is vervolgens beëindigd.
- we hebben een Autopass voor de Noorse tolwegen, met kortingsafspraken voor het veer Flakk Rørvik en de grote wegen rond Trondheim.
- ons huis staat nu ook in het Noorse kadaster op onze naam.
- we hebben de laatste afrekening van de gemeente Haren ontvangen.
- we trekken ons nauwelijks meer iets aan van weg- en weersomstandigheden als kou, sneeuw, ijzel, gladheid en dooi en stappen vrolijk naar het ons belieft in de auto (we worden waarschijnlijk nooit zo driest qua snelheid en inhalen als sommige Noren)
- we hebben geskied met appelsin, kviklunsj en termos mee
- Sytze is naar twee oriëntatiedagen van de Videregående Skole (vervolgonderwijs, daar gaat hij volgend jaar, na de 10e klas, heen. Dat ga je dus heen als je 16 bent.)
- we hebben een wafelijzer aangeschaft en Anne Lieke heeft wafels gebakken.
- Lieuwe en Sytze hebben hun oudergesprek met kun klasseleerkracht/mentor helemaal zelf in het Noors gevoerd (die van Anne Lieke moet nog komen).
- we hebben het noorderlicht gezien. De enigen die we die avond buiten tegen zijn gekomen waren Folmers' Nederlandse collega Rolf en zijn vrouw Petra. De prachtige foto's heeft Rolf gemaakt.
- we zijn op de koffie geweest bij twee van onze buren. Die wordt om 6 uur 's avonds geserveerd. De eerste keer moesten we het meeste van de lekkere hapjes aan onze neus voorbij laten gaan. De tweede keer begingen we niet opnieuw de fout om van tevoren uitgebreid te eten.
- ondertussen maalt er niemand meer om de kou. Begin maart was het hier een paar dagen rond de min 15, met een strak blauwe lucht en zon. Heerlijk! Alle drie de kinderen zijn in die dagen een dag met school wezen skien. Hoezo koud??
Alle winkels in Noorwegen zijn vanaf skjærtorsdag (wittte donderdag) gesloten.We weten nu dat de Noren op langfredag (goede vrijdag) op Harrytur gaan. 'Harry' is in deze synoniem voor heikneuter. Als je op Harrytur gaat, ga je naar Zweden om daar groot en goedkoop in te kopen. Excessen worden vervolgens breeduid te kijk gezet in de krant. (iemand met 43 liter sterke drank, 300 liter bier en ook nog wapens aangehouden bij de grens...)
Errug gezellig: we hadden de mensen die geholpen hebben in het laatste weekend (we hadden verschillende ploegen) bij de verhuizing uitgenodigd om te komen eten. Even Nederlanders onder elkaar.